Veelgestelde vragen en antwoorden over de veranderingen in de jeugdzorg per 1 januari 2015

Vanaf 1 januari 2015 zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp. Wat betekent dit voor de cliënten van Stek jeugdhulp?

In dit overzicht staan de meest gestelde vragen en bijbehorende antwoorden over de komende veranderingen in de jeugdzorg.

Vragen over de overgang naar de jeugdzorg in 2015

Mijn kind krijgt nu de zorg die hij/zij nodig heeft. Houdt mijn kind die zorg in 2015?

Kinderen en gezinnen die in 2014 gebruik maken van jeugdhulp en een indicatie hebben die door loopt in 2015, kunnen deze jeugdhulp houden totdat de indicatie afloopt, uiterlijk tot 31 december 2015. Als verlenging nodig is, dan kunt u overleggen met uw contactpersoon bij Stek over de mogelijkheden voor verlenging. Maatregelen voor jeugdbescherming en jeugdreclassering die door de rechter zijn opgelegd, blijven onveranderd van kracht.

Hoe krijg ik in 2015 nieuwe hulp voor mijn kind als de oude indicatie afloopt?

Het indiceren door Bureau Jeugdzorg en het CIZ stopt per 1 januari 2015. Vanaf dat moment wordt de toegang tot jeugdhulp zoveel mogelijk geregeld via het jeugdteam/sociaal (wijk)team in uw gemeente. Een medewerker uit dit team bepaalt na overleg met u welke jeugdhulp nodig is. Ook de jeugdbescherming, huisarts, medisch specialist en jeugdarts kunnen vanaf 2015 doorverwijzen naar jeugdhulp. U kunt via aanmelden@stekjeugdhulp.nl de contactgegevens opvragen van het wijkteam in uw gemeente.

Houd ik de huidige hulpverlener voor mijn kind/gezin?

Binnen Stek behoudt u zoveel als mogelijk de voor u bekende hulpverlener.

Is de zorg die in 2015 geboden wordt in alle gemeenten hetzelfde?

Gemeenten hebben vanaf 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid om jeugdhulp te bieden aan kinderen en gezinnen die dit nodig hebben. Welke hulp u krijgt, kan verschillen per gemeente, omdat gemeenten zelf kiezen welke hulp zij beschikbaar stellen voor hun inwoners. De gemeenten in Rijnmond, Midden-Holland en Holland Rijnland werken in die gebieden samen voor een groot deel van de jeugdhulp. Hulp die niet in uw eigen wijk of gemeente wordt geboden, zoals dagbehandeling en 24-uurs hulp, maar ook specialistische hulp thuis is door de gemeenten gezamenlijk ingekocht.

Moet ik vanaf 2015 een eigen bijdrage betalen voor zorg?

Krijgt uw kind jeugdhulp waarbij uw kind (deels) buiten het gezin verblijft, dan zult u waarschijnlijk ouderbijdrage (blijven) betalen. Deze ouderbijdrage wordt door de gemeenten geheven veelal via het CAK. Het uitgangspunt is dat kinderen die (deels) buiten het gezin worden verzorgd, minder kosten voor de ouders met zich meebrengen. Kijk op: www.hetcak.nl voor de informatie van het CAK.

Mijn partner en ik zijn gescheiden en wonen niet in dezelfde gemeente, waar kan ik terecht voor hulp voor mijn kind.

U kunt voor hulpvragen terecht in de gemeente waar de ouder met het ouderlijk gezag woont. Het woonadres van de ouder met het gezag is leidend. Als gescheiden ouders in verschillende gemeenten wonen en uw kind bij beide ouders woont, moet u als ouders bepalen wat als hoofdverblijf wordt aangewezen. Ook een rechter kan bij de scheidingsuitspraak het hoofdverblijf bepalen. Kunnen of willen de ouders dit niet aangeven, dan overleggen de beide gemeenten met elkaar welke gemeente de hulp zal bieden. De verantwoordelijke gemeente is de gemeente waar de jeugdhulp in het belang van uw kind binnen zijn/haar sociale netwerk (school, sport en vriendenkring) kan worden georganiseerd.

Vragen over de nieuwe werkwijze van jeugdzorg in de eigen gemeente

Welke vormen van jeugdhulp gaan naar de gemeente?

Per 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor: hulp bij opgroeien en opvoeden (jeugdzorg), Jeugd-GGZ (geestelijke gezondheidszorg voor kinderen) en Jeugd-LVB (hulp voor kinderen met een verstandelijke beperking).

Bij wie kan ik in 2015 terecht als ik me zorgen maak over een kind of als ik hulp nodig heb bij de opvoeding?

Vanaf 2015 kunt u terecht bij het jeugdteam of sociaal (wijk)team in uw gemeente en bij uw huisarts of jeugdarts. In sommige gemeenten is een Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) waar u ook in 2015 met vragen over opgroeien en opvoeden terecht kunt.

Wat doet het jeugdteam of sociaal (wijk)team?

Dit team bestaat uit medewerkers die advies en hulp verlenen, het betreft professionals die kennis hebben op de gebieden van: opgroeien en opvoeden, geestelijke gezondheidszorg en zorg aan kinderen met een verstandelijke beperking. Als het team niet in staat is zelf de benodigde hulp te bieden aan een kind of gezin dan wordt specialistische hulp ingeschakeld. Gezinnen met meerdere hulpvragen krijgen binnen het team één vast aanspreekpunt, volgens het principe één gezin, één plan, één begeleider. Het gezin maakt samen met deze begeleider een plan voor de meest passende jeugdhulp. Als dat nodig is voor de uitvoering van het plan, kan de begeleider besluiten andere hulpverleners in te schakelen. Als niet duidelijk is wat er precies moet gebeuren, kan de begeleider advies vragen aan een expert.

In de regio Rijnmond en Midden-Holland werken zogenaamde jeugd- en gezinscoaches vanuit Stek. Zij zijn in dienst bij Stek, maar werken in een wijkteam, samen met collega-hulpverleners uit andere organisaties.

Ben ik verplicht om mijn familie, vrienden of buren aan te spreken als ik hulp nodig heb voor mijn kind en/of gezin? Wat als ik geen mensen in mijn omgeving heb om op terug te vallen voor hulp?

Het jeugdteam/sociaal (wijk)team vraagt gezinnen om ook zelf te kijken naar oplossingen waarin het eigen netwerk een rol speelt. Indien nodig kan het eigen netwerk op ondersteuning vanuit het jeugdteam/sociaal (wijk)team rekenen. In het geval dat voor de zorgvraag geen oplossing voorhanden is binnen het eigen netwerk, blijft professionele jeugdhulp beschikbaar.

Wie gaat de nieuwe indicaties afgeven?

Vanaf 2015 worden geen indicaties meer afgegeven. Een medewerker van het jeugdteam/sociaal (wijk)team bepaalt na overleg met kind en gezin welke hulp noodzakelijk is. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen ‘vrij toegankelijke’ en ‘niet vrij toegankelijke’ jeugdhulp. Alle jeugdhulp die het team zelf biedt, is vrij toegankelijk. Wanneer het team meer specialistische hulp nodig vindt, valt dit onder de niet vrij toegankelijke jeugdhulp. Het besluit van het team om wel of geen ‘niet vrij toegankelijke jeugdhulp’ in te zetten, wordt vastgelegd in een brief. Als ouders het niet eens zijn met het besluit, kunnen zij daar bezwaar tegen maken.

Ook de jeugdbescherming en huisartsen kunnen bepalen dat jeugdhulp nodig is, vooraf aan de start van die hulp wordt daarover dan een melding bij de gemeente gedaan.

Wat gebeurt er als mijn kind 18 jaar wordt?

Voor jeugdigen die hulp krijgen, kan deze hulp doorlopen tot maximaal het 23e levensjaar als voortzetting van de hulp noodzakelijk is. Dit is onder de voorwaarde dat deze hulp niet onder een ander wettelijk kader valt, zoals de Zorgverzekeringswet, Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Als dat wel het geval is, kunnen afspraken worden gemaakt over de overdracht.

Ik ga verhuizen naar een andere gemeente. Kan de zorg die mijn kind nu krijgt doorgaan?

Of u jeugdhulp krijgt en hoe deze eruit zal zien in uw nieuwe woongemeente is niet op voorhand te zeggen. Ons advies is om zo snel mogelijk contact op te nemen met uw nieuwe woongemeente.

Klik hier voor de printversie van dit document.

Hierbij de link naar de informatiewebsite van de overheid hoeverandertmijnzorg.nl/jeugd mocht u nog meer vragen hebben

» ICT-ondersteuning © Stek jeugdhulp 2018 | Created by Rotterdams Collectief | disclaimer